Dieren

Gladde slang

De gladde slang is een niet-giftige slangensoort die voorkomt op heideterreinen, in bosranden, en op droge zandgronden. Met een gemiddelde lengte van 60 tot 80 cm is het een relatief kleine soort, met een slanke lichaamsbouw en een grijsbruine kleur. Dit filmpje vertelt je alles over het leven van dit verborgen dier.

 

 

Levendbarende hagedis

levendbarende hagedisDe levendbarende hagedis is een vrij kleine soort (totale lengte maximaal 18cm) die algemeen verspreid voorkomt in Europa. De levendbarende hagedis komt voor in verschillende soorten habitats, waaronder ook heidegebieden. Belangrijk is dat er open plekken aanwezig zijn waar de hagedis kan zonnen. Tijdens zo'n zonnebad kan de lichaamstemperatuur van de hagedis stijgen van 15°C tot 30°C.

 

Boomleeuwerik

boomleeuwerikDe boomleeuwerik is een typische soort van de droge zandstreken met uitgestrekte heideterreinen met losse boompjes en boomgroepen. Door bosaanplant de voorbije eeuw is het typische biotoop van deze soort in onze streken sterk in oppervlakte verminderd. Met 500 tot 800 broedparen is de boomleeuwerik momenteel een vrij schaarse tot vrij talrijke broedvogel in Vlaanderen en staat als kwetsbaar genoteerd op de Vlaamse Rode Lijst. De stad Lommel koos de boomleeuwerik als mascotte in het GALS project (Gemeenten Adopteren Limburgse Soorten).

Nachtzwaluw

De nachtzwaluw is een merkwaardige vogel van halfopen, open droge terreinen en van overgangssituaties in het landschap. Hij heeft een zeer goede schutkleur, waardoor je hem vaak over het hoofd ziet. Zoals je al kon vermoeden uit zijn naam, is deze vogel vooral actief in de avondschemering.

De nachtzwaluw broedt op de grond. Het nest is vaak niet meer dan een kuiltje. Bij gevaar houden de jongen zich doodstil, volledig vertrouwend op hun schutkleur. Ondertussen proberen de ouders de aandacht van de indringer af te leiden door te doen alsof hun vleugels verlamd zijn. Zo lokken ze de aanvaller weg van het nest. Een oude naam voor de nachtzwaluw is ‘geitenmelker’, omdat men de vogel ervan verdacht 's nachts bij schapen en geiten melk te stelen. De vogel had deze reputatie te danken aan het feit dat hij ’s avonds en ’s nachts vaak te vinden was in de buurt van schapen- en geitenstallen om jacht te maken op de talrijke insecten die er rond vlogen.

Geelgors

De geelgors houdt van diverse halfopen landschappen, zoals licht beboste heide, bosranden en agrarisch gebied met heggen, houtwallen en grazige wegbermen. Kleine landschapselementen zijn erg belangrijk voor deze soort. De geelgors kan beschouwd worden als een echte ambassadeur van het kleinschalig agrarisch cultuurlandschap met kleine landschapselementen. De aantallen geelgorzen zijn dan ook spectaculair beginnen dalen na de Tweede Wereldoorlog toen men in Vlaanderen startte met de grote verkavelingen. Het verdwijnen van kleine landschapselementen zoals hagen, heggen, houtkanten en extensief beweide graslandjes wordt algemeen beschouwd als de voornaamste oorzaak van de sterke terugval van deze soort. Ook het gebruik van pesticiden en herbiciden hebben bijgedragen tot de sterke achteruitgang van de geelgors.